Slachtoffer van de heksenvervolging

Tanneke Sconyncx

ook opgetekend als Anna De Coninck

Jaar
1603
Plaats in de stukken
Tielt
Gemeente vandaag
Tielt, West-Vlaanderen
Afloop
Overleden tijdens de foltering
Leeftijd
53 jaar
Woonplaats
Hoeve in Gottem, bij Deinze
Rechtsgebied
Graafschap Vlaanderen

Beroep staat niet vermeld in de bronnen.

Kanttekening bij de bronnen

Boek: Frederic Vermeulen, De heks van Gottem (Lannoo, 2024). Beeld van Jef Claerhout op de Markt van Tielt (1995). Wetenschappelijke analyse: J. Monballyu, Was Tanneken Sconyncx een heks? (De Roede van Tielt, 1994).

Tanneke Sconyncx, geboren als Anna De Coninck rond 1550 in Gottem bij Deinze (andere bronnen zeggen 1560), was een welstellende boerin: samen met haar man Thomas Vandermeulen baatte ze er een hoeve uit en ze kreeg vier kinderen. Dorpsroddels bezorgden haar de faam van heks, en volgens de overlevering speelde ook wraak mee: Hubrecht Meganck, baljuw van de heerlijkheid Ter Beke, zou haar tevergeefs het hof gemaakt hebben.

Het archiefdossier, bewaard in het Rijksarchief te Gent, is hard genoeg: op kerstavond 1602 werd ze opgesloten in de stadsgevangenis van Tielt, onderzocht op duivelstekens en vanaf 23 mei 1603 dag en nacht gefolterd, onder meer op de judaswieg. Op 2 juni 1603 bezweek ze, zonder vonnis. Ze werd in ongewijde grond in Gottem begraven, bij een vijver die tot vandaag 'de heksenput' heet.

Haar familie klaagde de vervolgers nadien aan bij de Raad van Vlaanderen en haalde minstens gedeeltelijk gelijk. Rechtshistoricus Jos Monballyu analyseerde haar proces in De Roede van Tielt (1994). In september 2024 verscheen bij Lannoo 'De heks van Gottem' van Frederic Vermeulen, haar afstammeling in de elfde generatie: eerherstel in boekvorm. Op de Markt van Tielt staat sinds 1995 een gevleugeld bronzen beeld van Jef Claerhout, als eerherstel voor alle slachtoffers van de heksenwaan.

Bronnen